Kreta, het zonnige eiland in de Midellandse Zee, biedt een mild maar stimulerend klimaat, schone lucht, schoon zeewater en aangenaam verkoelende wind. Zoals met veel van de eilanden in de Middellandse Zee is Kreta eigenlijk één grote berg van kalksteen. Het is 290 kilometer breed, van west naar oost, en slechts hooguit zo'n 60 km van noord naar zuid. De meeste steden en toeristenoorden bevinden zich in een smalle strook langs de noordkust.
In het binnenland en langs de rustige zuidkust groeien uitbundig veel bloemen in het wild, waaronder orchideeën. Door de kurkdroge zomers ontstaat er een band van bloeiende planten die langzaam de heuvels optrekt, naar mate de lagere delen raken uitgedroogd en weer naar beneden, naar mate de sneeuw boven smelt in de lente. Veel bloemen en planten worden dan weliswaar opgegeten door de vrij in het rond grazende geiten en schapen.
Het afwisselende berglandschap is een uitdaging voor de geoefende bergwandelaar. Kreta heeft 3 bergketens die zich uitstrekken over het midden van het eiland, van west naar oost: White Mountains, Ida en Dikti, met hun bijbehorende 4 klimaatzones, waardoor een grote diversiteit aan bijzondere en inheemse planten is ontstaan, uniek in Europa.
Hoewel je overal van oost naar west bergen vindt op Kreta, zijn de ruigste en meest indrukwekkende de Witte Bergen, Lefka Ori (White Mountains) in het westen. the West. Ze belichamen de essentie van Kreta, viriel, trots en vurig onafhankelijk, zoals de Kretenzers zelf die dit woeste gebied ten volle hebben benut bij het starten van hun verzet tegen de onderdrukkende Turken. U vindt hier 58 pieken van boven de 2000 meter. Het gebergte wordt doorsneden door spectaculaire kloven die soms vruchtbare vlaktes vormen, of kleine valleien hoog in de bergen (Askyfou, Amari, Lasithi) wat spectaculaire vergezichten oplevert, met ofwel de Libische Zee op de achtergrond, zoals in het zuiden, ofwel de Zee van Kreta in het noorden. Sfakia, onze regio in het zuidwesten, wordt gedomineerd door die Lefka Ori ofwel White Mountains, of 'Madares', zoals ze plaatselijk worden genoemd. De aanduiding 'wit' slaat op de sneeuw die op de hellingen ligt in de winter (en 's zomers vaak nog steeds op de uiterste toppen) en de witte kalksteen van de toppen zelf. Van alle toppen is de Pachnes (2453m) de hoogste en maar 3 meter lager dan de hoogste berg van Kreta, de Psiloritis.
Er is een interessant verhaal, waarin bergbeklimmers uit west-Kreta rotsblokken omhoog hebben gesleept om de piek van de Pachnes te verhogen, om het de hoogste van Kreta te maken. Waar of niet, hun poging telt natuurlijk niet. Van een zijaanzicht lijken de White Mountains bezaaid met bergtoppen, die soms tot begin juni bedekt zijn met sneeuw. Op de grens van de smeltende sneeuw kunnen de meest bijzondere planten worden gevonden op Kreta en zelfs lieveheersbeestjes op ruim 2 kilometer hoogte.
Dit gebergte houdt een sfeer van ondoordringbaarheid, wat onderschreven wordt door de kaart van Kreta. De wegen lopen allemaal om dit gebied heen en de enige doorgang vormen de vele voetpaden, die door herders in de oudheid al zijn aangelegd voor hun kuddes. Ze heten 'kaldimerini'. Aan de zuidkust vallen de bergen pardoes en steil in zee en er zijn daardoor haast geen vlaktes aan de zuidwestkust (behalve Frangokastello), maar slechts kleine stukjes vlakke grond, waarop dorpjes zijn ontstaan, die onderling slechts te voet of per ferry zijn te bereiken. De 111 pieken boven de 1500 meter maken de White Mountains een gebied bij uitstek voor de verstokte wandelaar, temeer omdat er zo'n 50 kloven zijn bovendien.
De zuidwestkust biedt dus iets absoluut unieks: liggend op uw strandje ziet u boven u de besneeuwde toppen van de hoogste bergen. De kusten zelf zijn bezaaid met inhammen, baaitjes en schiereilanden. Zo is er plaats voor beschutte haventjes en onverstoord leven in zee. Er komen veel bijzondere vissen en andere zeebewoners voor, zoals dolfijnen, walvissen en zeeschilpadden. Een overzicht van het leven in de zee ten zuiden van Kreta ziet u hier. Jammer genoeg worden al deze diersoorten bedreigd.
Er zijn ruim 2000 verschillende plantensoorten, in Kreta waarvan zo'n 10% endemisch is, en dus nergens anders voorkomen.
De Kretenzische flora is vooral rijk aan kruiden en farmaceutische planten, zoals oregano, thijm en basilicum, laurier en salie. Een flink percentage hiervan wordt gedroogd en verkocht op de locale en internationale markt. Diktamos, marjolein en oregano zijn geneeskrachtige planten in de Kretenzische folklore. Diktamos (essenkruid, Origanum dictamnus labiatae) komt alleen op beschutte plaatsen in de bergen voor en wordt zo'n 30 centimeter hoog. Het heeft witbehaarde kruipende stelen en blaadjes, haast als velours, en lila of paarse bloempjes. Het is een overblijvende plant en kan dus tegen vorst. In Kreta worden de bloempjes gebruikt voor het maken van thee, 'Mountain Tea', maar soms ook de stelen. Het geheel ziet eruit als een bosjes, voor een grote kan thee. Het kruid heeft ook geneeskrachtige eigenschappen: het bevordert de wondgenezing, verlicht pijn, beschermd bij slangenbeten en ontspant bij bevallingen. In de Aeneïs van de Romeinse dichter Vergilius wordt al over Diktamos geschreven:
A
branch of healing Dittany she brought (Ooit was Aeneas gewond geraakt door een pijl. Zijn trouwe makkers hielpen hem naar het vestigingskamp en de chirurg Lapyx komt hem te hulp met een grote tang in de hand. Het lukt Lapyx niet om de pijlpunt uit Aeneas zijn bil te halen, dus komt zijn moeder Venus hem een handje helpen. Ze brengt hem wat essenkruid van op de berg Ida, uit Kreta, vermengt het met water uit de Tiber en geeft het hem. Aeneas geneest onmiddellijk.)
Er is ook een verbazingwekkende varieteit aan bloemen op Kreta, zoals nota bene tulpen, cyclamen en orchideeën. U vindt hier en hier een mooi beeldverslag. De bloeitijd is van maar liefst 6 maanden, van maart tot september. Tenslotte is Kreta het noordelijkste gebied op aarde waar je nog Afrikaanse bomen kunt, zoals de ceder en de palmboom en de tamarisk.
Kreta heeft ook een grote variëteit aan fauna, met een aantal ondersoorten die alleen daar voorkomen. In de prehistorie leefden er op Kreta zelfs olifanten, of daarvoor nog mammoeten, waarvan skeletten zijn opgegraven. Endemisch voor Kreta tegenwoordig zijn de locale wilde geiten, Kri-Kri of Agrimi (Capra aegagrus cretica) genaamd. Het is een ondersoort van de bezoargeit (Capra aegagrus), de voorouder van de huisgeit.
Er is ook een aantal bijzondere vogels op Kreta, zoals de vale gier, de lammergier en de grijze reiger. Een vogelwaarnemings-project uit Frangokastello, Sfakia, vindt u hier. Kreta heeft ook vele grotten, gevormd in het Tertiair en het Pleistoceen in kalksteen. Een aantal is vandaag de dag te bezoeken, maar 99% ligt onaangeroerd en verscholen. Sinds 1962 zijn er 3500 grotten ontdekt, sinds Eleftherios Platakis de plaatselijke afdeling van de Hellenic Speleological Society heeft opgericht, waarvan er slechts 850 zijn onderzocht. Maar het onderzoek is in volle gang.
|
Laatste update: 18 January, 2009 .
Copyright © World2C ™ Multimedia 1999 - 2010. Alle rechten voorbehouden.